Na een lange verbouwing was het huis bijna af — op één ding na. Een lange, witte muur achter de zithoek, doorlopend naar een aangrenzende ruimte. In de wand zat een groot zijraam. Geen directe inkijk, maar toch geen prettig gevoel. Blinds of vouwgordijnen waren geen optie. En ook mét raambekleding zou het raam een onrustig element blijven — iets wat de aandacht trekt, zonder iets aan de ruimte toe te voegen.
De vraag achter de vraag
De bewoners wilden een ontwerp dat beide ruimtes verbindt, past bij een strak interieur en karakter toevoegt zonder te overheersen.
Maar er speelde ook iets anders. De bank staat los van de muur, met de rug naar het raam. Dat is een positie die voor veel mensen onbewust ongemakkelijk voelt — geen rugdekking, een open plek achter je.
Een wandkast achter de zithoek verandert dat. De rug is gedekt. De zichtlijnen naar de rest van de ruimte blijven intact. Geborgenheid én overzicht tegelijk — twee basisbehoeften die bepalen of een plek prettig voelt om in te zitten.
De oplossing: één wandkast die alles samenbrengt
Ik ontwierp een maatwerk wandkast van zeven meter breed, met de vensterbank geïntegreerd in het bovenblad. Daarboven drie wandplanken, waarvan één vóór het raam langs loopt — een sterk horizontaal lijnenspel dat het raam onderdeel maakt van het geheel in plaats van een stoorzender.
Het resultaat is een rustige, samenhangende wand. Functioneel, persoonlijk en in balans met de ruimte.
Tekeningen: Studio Spacia (Sketchup).
Fotorealistisch: met behulp van AI.